Gepost op

In autumn moonlight | Robert Bridges | Verenigd Koninkrijk

In autumn moonlight

 In autumn moonlight, when the white air wan

Is fragrant in the wake of summer hence,

’Tis sweet to sit entranced, and muse thereon

In melancholy and godlike indolence:

When the proud spirit, lull’d by mortal prime

To fond pretence of immortality,

Vieweth all moments from the birth of time,

All things whate’er have been or yet shall be.

And like the garden, where the year is spent,

The ruin of old life is full of yearning,

Mingling poetic rapture of lament

With flowers and sunshine of spring’s sure returning;

Only in visions of the white air wan

By godlike fancy seized and dwelt upon.

 

In najaars maanlicht

In najaars maanlicht als de bleke lucht

nog nageurt van voorbije zomertijd,

mijmer je wat, verrukt, en raakt een zucht

van weemoed in je goddelijk nietsdoen kwijt;

wanneer de trotse geest, in slaap gewiegd

door de pretentie van onsterflijkheid,

de wereld overziet en vrijuit vliegt

langs al wat was en komt in later tijd.

Als in de tuin, waarin het jaar vergaat,

het leven stervend vol verlangen staat

en ’t klagen van de dichter zich vermengt

met weten dat de zon weer lente brengt,

alleen in dromen van de bleke lucht

verneem je en bewaar je dit gerucht.

 

ROBERT BRIDGES (1844–1930)

Engelse dichter, toneel- en prozaschrijver. Vanaf 1913 was hij de Britse Poet Laureate.

https://www.poetryfoundation.org/poets/robert-bridges

 

 

 

Gepost op

Chantez ce que vous pensez | Charles d’Orléans | Frankrijk

Chantez ce que vous pensez

Chantez ce que vous pensez,

Monstrant joyeuse maniere.

Ne la vendez pas si chiere,

Trop en vis la despensez.

 

Or sus, tost vous avancez,

Laissez coustume estrangiere.

Chantez ce que vous pensez,

Monstrant joyeuse maniere.

 

Tous noz menuz pourpensez

Descouvrons, à lye chiere,

L’un à l’autre, sans priere;

J’acheveray, commencez.

Chantez ce que vous pensez.

Zing maar zonder aarzeling

Zing maar zonder aarzeling,

toon je vreugde in je zinnen,

hou maar geen gedachte binnen,

geef ons je betovering.

 

Sta nu op, treed in de kring,

laat verlegenheid niet winnen,

zing maar zonder aarzeling,

toon je vreugde in je zinnen.

 

In dit vrolijke geding

zullen we elk een lied verzinnen.

Ik hou op, jij mag beginnen,

zeg ons hoe het jou verging,

zing maar zonder aarzeling.

Charles d’Orléans

Weinig mensen hebben zo’n turbulent, zelfs tragisch leven geleid als prins Charles d’Orléans (1391-1465). En toch heeft hij de eeuwen overleefd door zijn beminnelijke, van wijsheid getuigende poëzie. Hij werd geboren tijdens de Honderdjarige Oorlog die in die eeuw woedde tussen Frankrijk en Engeland. Tegelijkertijd werd zijn vaderland verscheurd door de burgeroorlog van de Armagnacs tegen de Bourguignons. Hij heeft de ellende van de vijftiende eeuw aan den lijve ondervonden.

Charles d’Orléans werd in Parijs geboren als de oudste zoon van Lodewijk van Orléans en diens echtgenote Valentine van Milaan. Het noodlot wilde dat Frankrijk in die tijd werd geregeerd door een krankzinnige koning. In feite werd om de macht gestreden door zijn neef Jan zonder Vrees, de hertog van Bourgondië, en zijn broer Lodewijk van Orléans, de vader van Charles. Huurlingen van beide partijen trokken jarenlang plunderend en verwoestend door het land.

Charles’ vader werd in 1407 vermoord in de Rue Barbette, vermoedelijk met medeweten van de Bourgondische hertog. Zijn moeder bezweek een jaar later aan haar verdriet.

In 1411 vroeg Jan zonder Vrees om Engelse hulp tegen de Armagnacs. Op 25 oktober 1415 zegevierden de Engelsen bij Azincourt. Na de slag vonden zij op het slagveld onder een stapel lijken het gewonde lichaam van Charles d’Orléans. Zo raakte hij in krijgsgevangenschap. Hij was toen 24 jaar. Hij zou 25 jaar lang van de ene gevangenis naar de andere worden gesleept. De jaren in Engeland werden getekend door een aaneenschakeling van vernederingen.

Aanvankelijk was hij opgesloten in het kasteel Windsor, later in 1422 in het kasteel van Bolling-broke, in 1430 in Londen. Men sleepte hem van de ene cipier naar de andere en niet altijd werd hij met eerbied en respect behandeld. Het was in die periode dat hij het gerucht van zijn dood weers-prak met een ballade waarin hij dichtte:

Je hoeft voor mij geen zwart te dragen,
laat je maar grijze kleding geven,
zichtbaar voor ieder deze dagen:
nog altijd is de muis in leven.

In 1440 mocht hij eindelijk naar zijn vaderland terugkeren. Het medelijden van de hertogin van Bourgondië had hem bevrijd. Hij kon zijn neef, hertog Filips van Bourgondië, in de armen sluiten. De vrede tussen de Armagnacs en de Bourguignons was definitief getekend. Nog datzelfde jaar trouwde Charles d’Orléans met Marie van Kleef, een nicht van Filips. Een nieuwe fase in zijn leven begon. Hij trok zich terug op zijn kasteel te Blois. Hij was weliswaar berooid met als enig kostbaar bezit zijn boekerij, maar hij omringde zich met literaire vrienden en genoot met volle teugen van het leven. Hij maakte niet alleen gedichten, maar schiep ook dichters.

Aan het einde van zijn leven heeft Charles d’Orléans zich nog eenmaal gewaagd aan een politiek avontuur. Toen koning Lodewijk XI in 1464 de hertog van Bretagne brutaalweg van zijn hertogdom beroofde, liet de oude dichter zich in de Statenvergadering in Tours verleiden tot een weerwoord. Zijn leeftijd gaf hem wel enig recht van spreken, dacht hij, maar de koning ontstak in woede en verpletterde hem met scheldwoorden en beledigingen. De prins zag zich genoodzaakt Tours te ontvluchten. Na zijn aankomst in Amboise overleed hij op 4 januari 1465.

DE AUTEUR VAN DE DICHTBUNDEL

Fred van Enske (1925 – 2017) debuteerde 65 jaar geleden tijdens de Hongerwinter in het clandestiene tijdschrift Zaans Groen. Hoewel hij sindsdien nog maar zelden publiceerde, een enkele bijdrage aan De Tweede Ronde uitgezonderd, is hij zijn hele leven blijven dichten, de laatste jaren vooral als vertaler van Engelse en Franse poëzie.

Uit zijn opgebouwde schatkamer verschenen diverse bundels met vertalingen van gedichten, balladen en rondelen. Bovenstaande van Charles d’Orléans verscheen in de bundel De weemoedige prins. 

Gepost op

Zomerdromen | Henri Van Nieuwenborgh | België

Zomerdromen

Eenzame stranden
verlaten wereld
waarop de zon
nu niet meer schijnt
enkel die paar meeuwen
dromen nog van de zomer.

De wind zoent
nu niet meer zo zacht
je lange, blonde haren
het is een striemende regen
die je gelaat geselt.

Het is triestig
hier verlaten rondlopend
zonder mensen
om mee te praten
wanneer komen ze terug
zij die houden
van de zon, de zee, de zomer?

Het zand is koud
de zee beukt wild
het stormt op de stranden
waar mensen lagen
spraken over liefde
de toekomst en het geluk.

Zoals elk jaar opnieuw
spoelde de zee
de winter aan
samen met sneeuw en regen
gingen de dagen vertragen
en in morrend licht
verdwenen zomerdromen
in de golven
door ’t zoute water bedolven.

Henri Van Nieuwenborgh

Henri Van Nieuwenborgh, geboren in Aalst in 1951 en sinds 1978 woonachtig in Affligem. Studeerde af aan de Hogeschool en stapte in de bankwereld in 1974 na het vervullen van de toen obligate dienstplicht. Heel zijn professionele carrière bleef hij actief in de financiële wereld, eerst als accountmanager en nadien als directeur bij Credit Lyonnais België, Bank Nagelmackers en Delta Lloyd.
Na zijn pre-pensionering, zo’n vier jaar geleden, werd hij schrijver, een droom die hij al lang koesterde maar waarvoor de tijd hem ontbrak.
De dichtbundel van Henri bevat in het eerste deel gedichten over bekende mensen. Elk gedicht staat op zichzelf, een verband tussen deze beroemdheden bestaat er niet. Het betreft een bonte schakering van internationale figuren, bekende Vlamingen, levenden en doden.
Het tweede deel van deze bundel is een queeste naar liefde, wijsheid en geluk. Een weergave ook van de omzwervingen van een student, die zich Sir Henry noemde, tot de grijsaard die hij vandaag geworden is.
De illustraties zijn van de hand van Rik Delneste René, alias Nesten, een Vlaams cartoonist, gespecialiseerd in het tekenen en schilderen van karikaturen van bekende personen.

Lees deze bundel, dit gezelschap is de moeite waard. Deze en de andere uitgaven van deze auteur vindt u bij Mosae Libro